Autisme ben je niet, maar heb je….of beter gezegd: autisme is hoe het bij jou werkt.

 

 

Autisme valt onder de ontwikkelingsstoornissen, dit zou je zo kunnen noemen omdat het afwijkt van de manier en de snelheid waarop we gewend zijn dat de hersenen zich ontwikkelen. Een stoornis wordt geassocieerd met een defect, maar dat is autisme zeker niet. We doen kinderen met autisme dan ook te kort om het een ontwikkelingsstoornis te noemen, ik noem het liever:

een variant op de meest voorkomende vorm van de hersenen.

 

Autisme is een vertraagde en een versnelde ontwikkeling tegelijkertijd. Doordat delen van de hersenen wat later ontwikkelen dan we gewend zijn (vaak zien we dit terug in het emotionele, sociale deel), komen kinderen met Autisme soms wat kinderlijker en kwetsbaarder over dan hun leeftijdsgenootjes. Maar aan de andere kant zien we de versnelling (vaak in het cognitieve deel), waardoor we versteld staan van hun kennis en ze ons juist ouder doen lijken dan hun leeftijdsgenootjes. 

Om het nog ingewikkelder te maken bestaat hun ontwikkelingsleeftijd uit vele verschillende leeftijden tegelijkertijd  (een spectrum van 0 tot 100 jaar) , die soms meerdere malen per dag kunnen verschuiven. Het is dus continu observeren en jezelf afvragen: bij welke leeftijd past dit gedrag? 

In de MAS1P (Een model van Martine Delfos) wordt dit beschreven.

Vertraagde- en versnelde ontwikkeling, dat heeft gevolgen voor het functioneren in het dagelijks leven. Dit wordt versterkt omdat onze samenleving is gebaseerd op de "standaard" ontwikkeling van de mens.

We ervaren de meeste hinder door de vertraging, althans voor de buitenwereld is dat vaak het meest zichtbare. We zien dit vaak terug bij:

•samen spelen

•harde geluiden

•kriebelende labeltjes in kleding

•schrijven

•zwemmen en fietsen

•praten

•zindelijkheid

Ze kunnen het “nog”niet . Ook mensen met autisme kunnen dat ontwikkelen, alleen vaak wat later dan we gewend zijn. Doordat we, als omgeving, er vanuit gaan dat ze het niet kunnen, bieden we het later niet meer aan en zo beperken we (zonder dat we het door hebben en met alle liefde en goede bedoelingen van de wereld) ze.

 

Autisme is genetisch, zover zijn we al met de wetenschap. Welk genen er verantwoordelijk voor zijn is nog niet met zekerheid te zeggen. Hoogst waarschijnlijk speelt het gen Contactin-4 een belangrijke rol, dit gen is belangrijk voor de verbindingssnelheid.

Voor informatie over hoe onze hersenen werken, verwijs ik u naar het werk van professor Dick Swaab.

 

 

Autisme en prikkels

Dit wordt vaak in een adem genoemd…denk je aan autisme, dan denk je aan prikkels/overprikkeling/punthoofd/etc.

Prikkels noem ik liever indrukken die we opdoen en die via onze zintuigen binnen komen. Iedereen heeft een grens aan hoeveel indrukken hij/zij in zich op kan nemen. Als we vol zitten moeten we tijd hebben om ze te kunnen verwerken.

Hoe komt het nou dat een kind met autisme eerder vol zit (Wat vaak “overprikkeld” wordt genoemd)?

Doordat een kind met autisme niet volledig uitgerijpt is, zijn ook de zintuigen nog niet klaar voor zoveel geluiden en indrukken. Zo kan het zijn dat de oren nog niet het geluid kunnen filteren en alles op vol volume binnen komt…logisch dat het zeer doet en dat je hoofd dan ontploft.

Het grote probleem is dat we hebben bedacht dat we dus die vele indrukken moeten minimaliseren (wat op zich geen gek idee is), met als gevolg dat vele last hebben van “onderstimulering” (oftewel: onderprikkeling). Dit is schadelijk voor de ontwikkeling van het kind en zo ontnemen we de kans op rijping. We moeten ze helpen doseren en dat langzaam, op hun eigen tempo, opvoeren.

 Indien de kinderen met autisme worden gestagneerd in hun rijpingsproces , heeft dit grote gevolgen voor hun toekomst. Mede hierdoor vallen kinderen uit van school, gaan nog sterker autistisch gedrag vertonen (tics, angsten, etc) en raken hun zelfvertrouwen kwijt.

Aan ons de taak om hun hun zelfvertrouwen terug te geven en hun rijping te stimuleren.

 




Onderwijs

Veel kinderen met autisme zijn enorm slim, slimmer dan de meeste van ons. Helaas is on onderwijs zo opgebouwd dat we verwachten dat iedereen leert door herhaling. Kinderen met autisme leren juist door het zelf te ontdekken en uit te zoeken. Daar gaat het mis, het kind haalt slechte cijfers op school voor Engelse woordjes, topografie, rijen rekensommetjes, etc. Het lukt ze niet om te stampen, raken gefrustreerd en gooien dan van wanhoop de handdoek in de ring.

Gevolg: slechte cijfers, slechte werkhouding, en moeilijk gedrag (wat puur frustratie, angst en verveling is). Vaak komen we zo in het speciaal-onderwijs. Waar ze wederom dienen te leren door herhaling en vaak nog simpelere werkjes krijgen….de rest kunt u nu wel raden.

Grote kans dat er inmiddels een IQ-test is afgenomen met een laag IQ of disharmonisch profiel. En dat is waar we het kind op beoordelen, niet op wat het werkelijk kan.

Een IQ-test is niet gemaakt voor kinderen met autisme en de uitslagen zijn daarom plausibel en voor mij geen uitgangspunt. Ik wil het kind zien en vanuit daar werk ik op hun eigen niveau, wat vaak veel hoger is dan dat we denken.

 

 

Autisme vs ASS

De reden dat ik structureel over autisme praat en niet over ASS (zoals beschreven wordt in het dsm-V), is omdat ik het onderscheid maak tussen:

autisme (genetisch) en autistisch gedrag (trauma, medisch).

Beide vallen onder ASS, maar hebben een totaal andere aanpak nodig. Iemand met een trauma zal een hele ander traject moeten doormaken om van zijn autistische gedrag af te komen dan iemand met autisme, welke genetisch is aangelegd.

Autisme is wie je bent en dat is niet weg als je behandeld bent zoals in andere gevallen. Wel Kun je het leven met autisme optimaliseren en zorgen dan de rijping zo goed mogelijk verloopt. Een kind met autisme heeft net zo een mooie toekomst als ieder ander en kan net zoveel (al dan niet meer) bereiken. Het is aan ons om ze die kans ook te geven.